Fernando Alonso
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
| Fernando Alonso | ||
| Fernando Alonso | ||
| Formule 1-coureur | ||
| Nationaliteit | ||
| Actieve jaren | 2001, 2003-heden | |
| Teams | Minardi, Renault, McLaren, Renault | |
| Aantal F1-races | 110 | |
| Kampioenschappen | 2005, 2006 | |
| Overwinningen | 19 | |
| Aantal podia | 49 | |
| Totaal punten | 499 | |
| Aantal polepositions | 17 | |
| Aantal snelste rondes | 11 | |
| Seizoen 2008 | ||
| Aantal races | 4 | |
| Team | Renault | |
| Startnummer | 5 | |
| Punten | 6 | |
| Plaats in stand | 10 | |
| Sportportaal | ||
|---|---|---|
Fernando Alonso Díaz (Oviedo, 29 juli 1981) is een Spaans tweevoudig wereldkampioen Formule 1 coureur. Hij werd op 25 september 2005 de jongste wereldkampioen Formule 1 tot dat moment.
Hij zorgde voor verbazing door de snelheid waarmee hij zijn weg naar de hoogste tak van de autosport wist te vinden. Tot in 1998 is hij actief in de karting, waar hij heel wat successen boekt. In 1999 maakt hij de overstap naar de éénzitters en wordt met niet minder dan zes overwinningen prompt kampioen van Spanje in de Nissan Euro-Open Series.
Inhoud |
[bewerk] Formule 3000
Het jaar daarop - in 2000 - rijdt hij al mee in het internationale Formule 3000 kampioenschap voor het team van Astromega. Na een tweede plaats op de Hungaroring wint hij twee weken later de wedstrijd op het circuit van Spa-Francorchamps. Hij beëindigt het seizoen met een vierde plaats in de eindstand.
[bewerk] Formule 1: Minardi
Voor het daaropvolgende seizoen krijgt hij een Formule 1 contract bij het bescheiden team van Minardi. Hij maakt zijn debuut in de Grand Prix van Australië op 4 maart 2001. Hij is dan 19 jaar oud en de op twee na jongste F1-coureur uit de geschiedenis. Alhoewel hij in de Minardi, één van de minst competitieve wagens van het ganse deelnemersveld, geen enkel puntje kan scoren, presteert hij tijdens de kwalificatieritten regelmatig beter dan piloten van hoger aangeschreven teams.
[bewerk] Formule 1: Renault
Door zijn prestaties bij het team van Minardi wordt hij in 2002 testpiloot bij Renault. In 2003 promoveert hij hier van testpiloot tot volwaardig piloot ten koste van Jenson Button.
Op 22 maart 2003 rijdt hij tijdens de kwalificatieritten voor de Grote Prijs van Maleisië de snelste tijd. Hij is meteen de jongste piloot uit de Formule 1 geschiedenis die de pole-position behaalt. De wedstrijd zelf beëindigt hij op een derde plaats, meteen zijn eerste podium. Enkele weken later rijdt hij voor eigen publiek in de Grote Prijs van Spanje naar een tweede plaats achter Michael Schumacher. In augustus wint hij de Grote Prijs van Hongarije, de jongste piloot ooit die een Grote Prijs Formule 1 wint. Hij beëindigt het seizoen op een zesde plaats met 55 punten. In totaal staat hij vier maal op het podium.
In 2004 slaagt hij er niet in om een Grote Prijs te winnen. Hij staat wel vier keer op het podium, bijna telkens achter de ongenaakbare Ferrari's van Michael Schumacher en Rubens Barrichello. In 12 van de 18 Grote Prijzen scoort hij punten, een regelmaat die hem uiteindelijk 59 punten oplevert, goed voor een vierde plaats in de eindstand van het wereldkampioenschap.
Het seizoen 2005 begint goed voor Alonso. Hij wordt derde in Australië en wint de drie daarop volgende Grand Prix van Maleisië, Grand Prix van Bahrein en Grand Prix van San Marino. Vooral in deze laatste weet hij te imponeren door in de slotronden een sterk opzettende Michael Schumacher achter zich te houden. Zijn thuis Grand Prix weet hij alweer niet te winnen en in Monaco eindigt hij "slechts" vierde. Tijdens de Grand Prix van Europa op de Nurburgring slaagt hij er echter in om, na een sterke remonte in de laatste ronden, de overwinning te behalen nadat leider Kimi Räikkönen in de slotronde op een spectaculaire manier van de baan ging. Tijdens de daaropvolgende Grand Prix van Canada maakt hij één van zijn zeldzame stuurfouten. Hij raakt de muur en moet opgeven. Zijn grote rivaal in de strijd om het wereldkampioenschap, Räikkönen, wint daarenboven de wedstrijd. Toch behoudt hij in de stand om het wereldkampioenschap nog 22 punten voorsprong op Räikkönen. Op 25 september 2005 wordt hij derde in de Grand Prix van Brazilië, voldoende om in het WK een onoverbrugbare kloof te slaan met Räikkönen. Zo wordt hij op de leeftijd van 24 jaar en 58 dagen de jongste wereldkampioen in de geschiedenis van de Formule 1, een record dat tot daarvoor op naam stond van Emerson Fittipaldi.
Zijn successen hebben in Spanje - een land zonder Formule 1-traditie - geleid tot een echte "Alonsomania". Vooral in Asturië, de regio waaruit hij afkomstig is, heeft Alonso ondertussen de status van een echte held verkregen. Heel toevallig komen het lichtblauw en geel in de vlag van Asturië overeen met het lichtblauw en geel van het Renault-team. Mede daarom waren de tribunes tijdens de Grand Prix van Spanje 2005 veranderd in lichtblauwe zeeën van toeschouwers.
Op zondag 22 oktober 2006 kroont Fernando Alonso zich voor de tweede maal in zijn carrière tot wereldkampioen. Tot twee races voor het einde van het seizoen stond Alonso nog gelijk in punten met Michael Schumacher, 116 punten in het voordeel van Schumacher. Alonso pakte belangrijke punten in de eennalaatste race, waarin de betrouwbare Ferrari Schumacher in de steek liet. In de slotrace van Brazilië eindigt Alonso op de tweede plaats, voldoende voor de titel. Zijn enige concurrent, de Duitser Schumacher moest om hem de titel alsnog te kunnen ontfutselen de race winnen en Alonso mocht niet bij de eerste acht eindigen. Alonso eindigde voor Schumacher, die zijn laatste Formule 1 Grand Prix in stijl afsloot, door vanaf de laatste plaats tot de 4de plaats door te dringen na een lekke band. Toch werd Alonso kampioen.
Later zou hij naar McLaren verkassen, maar na onenigheid kwam hij naar een jaar al terug om in 2008 naast Nelson Piquet Jr. te gaan racen voor Renault.
[bewerk] Formule 1: McLaren
Al in december 2005 maakte Fernando bekend om in 2007 over te stappen naar Team McLaren. Een schok voor de formule 1, dat de kersverse wereldkampioen naar de grootste concurrent van Renault in 2005 vertrok. Eerst waren er geruchten dat Kimi Räikkönen en hij in hetzelfde team zouden zitten, maar in september 2006 kwam het bericht dat Räikkönen naar Ferrari zou gaan om daar Michael Schumacher te vervangen, die aan het einde van het seizoen 2006 stopte als rijder. Nieuwe teamgenoot van Alonso bij Mclaren Mercedes werd Lewis Hamilton. Hij won in 2006 de GP2.
Op zondag 8 april 2007 behaalde Fernando Alonso in de 2e Grand Prix van het seizoen 2007 in Maleisië zijn eerste overwinning in dienst van het team McLaren. Hij reed van start tot finish aan de leiding. Zijn teamgenoot Lewis Hamilton werd 2e. Hiermee behaalde Team McLaren haar eerste een-tweetje in 2007. Ook was dit de eerste overwinning in 17 races, een laagterecord voor het team. Op 27 mei 2007 behalen Alonso en Hamilton wederom een een-tweetje tijdens de Grand Prix van Monaco.
In de door regenval chaotisch verlopen Grand Prix van Europa op de Nurburgring wint Fernando zijn 18e Grand Prix. Door een inhaalmanoeuvre op leider Felipe Massa, waarbij beiden elkaar raken, weet Alonso de winst vijf ronden voor het einde van de race naar zich toe te trekken. Net voor het aanvangen van de podiumplechtigheden leidt dit nog tot een verhitte discussie met Massa. Tijdens de persconferentie verontschuldigt Alonso zich tegenover Massa en lijkt hiermee de kous af.
Twee weken later rijdt hij bij de kwalificatieritten voor de Grand Prix van Hongarije aanvankelijk de snelste tijd. Omdat hij echter tegen het einde van de kwalificatiesessie om onduidelijke reden onnodig lang in de pits bleef staan waardoor ploegmaat Hamilton te laat kon vertrekken om nog een snelle ronde te kunnen rijden, werd hij door de FIA vijf plaatsen achteruit gezet op de startgrid. Hij beëindigde de wedstrijd tenslotte als vierde. In de stand om het wereldkampioenschap loopt zijn achterstand op ploegmaat Hamilton opnieuw op tot zeven punten.
Bij de daarop volgende Grand Prix van Turkije lijkt hij na een anonieme race op weg naar de vierde plaats. Als zijn teamgenoot Hamilton op 16 ronden van het einde met een lekke band de pits moet opzoeken, belandt Alonso alsnog op het podium en verkleint hij zijn achterstand op Hamilton tot vijf punten.
Tijdens de Grand Prix van Italië plaatst Alonso zich voor de tweede maal dit seizoen op pole-position. Hij rijdt een foutloze race en wint voor de eerste maal in zijn carrière de Grand Prix van Italië. Zijn ploegmaat Hamilton eindigt als tweede en heeft in de stand voor het wereldkampioenschap nog drie punten voorsprong op Alonso met nog vier races voor de boeg.
Een week later wordt hij derde in de Grote Prijs van België achter de twee Ferrari’s en verkleint hij in de WK-stand zijn achterstand op Hamilton tot twee punten.
Op 30 september bij de Grote Prijs van Japan krijgen zijn wereldtitelaspiraties tijdens een regenrace een fikse dreun. Op 26 ronden van het einde crasht hij zijn McLaren in de muur en moet de strijd staken. Meteen komt er ook een einde aan een reeks van 17 opeenvolgende races in de punten. Maar belangrijker is dat Hamilton de race wint en met nog 20 punten te verdienen een voorsprong van 12 punten heeft op Alonso.
Dan komt de GP van China. Ook deze wordt in de regen verreden, maar in minder mate dan die van de GP van Japan. Hamilton lijkt rustig op de overwinning, en dus het Wereldkampioenschap, af te rijden. Dan wordt opeens duidelijk dat Hamilton grote problemen met zijn banden krijgt, wat ervoor zorgt dat Kimi Raikkonen, rijdend voor Ferrari en ook titelkandidaat, de 1e plek overneemt. Uiteindelijk moet Hamilton de pits in, omdat hij teveel terrein verliest op de concurrentie. Maar bij het inrijden van de pitsstraat gaat het mis voor Hamilton: hij remt niet genoeg af voor de bocht voor de pits-ingang. Hierdoor schiet Hamilton van de baan, in het grind. Minder dan 2 meter van het asfalt strand Hamilton in de grindbak, en verdwijnt ook de Wereldtitel voor dat moment. Raikkonen wint de race, voor Alonso en Massa. Het team van McLaren-Mercedes zou later verklaren dat het de fout van het team was. Hierdoor zal het kampioenschap in de laatste race van het seizoen 2007 worden beslist, op het circuit van Interlagos (of Jose Carlos Pace) in São Paulo, Brazilië. De stand voor Brazilië: Hamilton 107, Alonso 103, Raikkonen 100.
Bij de Grote prijs van Brazilië pakt Alonso uiteindelijk de derde plek, achter Räikkönen en Massa. Räikkönen wordt daardoor wereldkampioen met 110 punten, Alonso eindigt op de derde plaats met 109 punten, achter Hamilton met 109 punten. Op basis van 2e plaatsen werd Hamilton 2e in het kampioenschap.
Op 2 november 2007 maken McLaren en Alonso bekend dat ze per direct uit elkaar gaan, ondanks het nog voor twee jaar doorlopende contract: als reden werd de 'niet ideale samenwerking' gegeven. Een dag later bood Flavio Briatore hem opnieuw een meerjarig contract bij Renault F1 aan. Ook Toyota, Red Bull en Williams zouden grote interesse hebben in de 2-voudig wereldkampioen. David Coulthard daarentegen vindt dat Fernando een "sabbatical year" kan nemen om in 2009 weer terug te keren in de Formule 1.
Op 7 december 2007 maakte de Spaanse sportkrant As bekend dat Alonso een contract bij Renault getekend had. Dit nieuws werd later ontkend door Renault zelf, dat wel bevestigde dat er onderhandelingen lopen met de Spanjaard.
Op 10 december 2007 bevestigt Fernando Alonso via zijn website een contract te hebben getekend bij Renault voor 2008. Alonso zal hier samen met Nelson Piquet jr. het rijderskoppel gaan vormen.
[bewerk] Formule 1: Terug bij Renault
Op 10 december 2007 werd door Fernando Alonso op zijn website bevestigt dat hij naar Renault terugkeerde. Hij vormt hier samen met Nelson Piquet jr. het rijdersduo van seizoen 2008. Alonso zou volgens geruchten een clausule in zijn contract hebben, waardoor hij bij tegenvallende prestaties Renault zou kunnen verlaten aan het eind van het seizoen. Hij ontkent echter het bestaan van zo'n clausule en liet in Bahrein weten met zijn team aan een mooie toekomst te willen bouwen. In de paddock Grand Prix van Monaco(weekend van 23 tot 25 mei) word gesuggereerd dat hij een contract voor 2010 bij Ferrari heeft getekend, dit is echter door geen van beide partijen bevestigd.
[bewerk] Formule 1 carrière
| Jaar/Jaren | Team |
|---|---|
| 2001 | Minardi |
| 2002 t/m 2006 | Renault |
| 2007 | McLaren |
| 2008 | Renault |
| 2001 | 2003 | 2004 | 2005 | 2006 | 2007 | 2008 | Totaal | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Aantal races | 17 | 16 | 18 | 19 | 18 | 17 | 6 | 111 |
| Aantal zeges | 1 | 7 | 7 | 4 | 19 | |||
| Aantal pole-positions | 2 | 1 | 6 | 6 | 2 | 17 | ||
| Aantal snelste ronden | 1 | 2 | 5 | 3 | 11 | |||
| Aantal podiumplaatsen | 4 | 4 | 15 | 14 | 12 | 49 | ||
| Aantal WK-punten | 55 | 59 | 133 | 134 | 109 | 9 | 499 | |
| Eindstand WK | 19 | 6 | 4 | 1 | 1 | 3 |
(Bijgewerkt t/m 26 april 2008)
[bewerk] Externe links
| Voorganger: Michael Schumacher |
Wereldkampioen Formule 1 2005 & 2006 |
Opvolger: Kimi Räikkönen |
| Huidige Grand Prix Formule 1-teams en -coureurs | ||||||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
|
1950: Giuseppe Farina · 1951: Juan Manuel Fangio · 1952: Alberto Ascari · 1953: Alberto Ascari · 1954: Juan Manuel Fangio · 1955: Juan Manuel Fangio · 1956: Juan Manuel Fangio · 1957: Juan Manuel Fangio · 1958: Mike Hawthorn · 1959: Jack Brabham · 1960: Jack Brabham · 1961: Phil Hill · 1962: Graham Hill · 1963: Jim Clark · 1964: John Surtees · 1965: Jim Clark · 1966: Jack Brabham · 1967: Denny Hulme · 1968: Graham Hill · 1969: Jackie Stewart · 1970: Jochen Rindt · 1971: Jackie Stewart · 1972: Emerson Fittipaldi · 1973: Jackie Stewart · 1974: Emerson Fittipaldi · 1975: Niki Lauda · 1976: James Hunt · 1977: Niki Lauda · 1978: Mario Andretti · 1979: Jody Scheckter · 1980: Alan Jones · 1981: Nelson Piquet · 1982: Keke Rosberg · 1983: Nelson Piquet · 1984: Niki Lauda · 1985: Alain Prost · 1986: Alain Prost · 1987: Nelson Piquet · 1988: Ayrton Senna · 1989: Alain Prost · 1990: Ayrton Senna · 1991: Ayrton Senna · 1992: Nigel Mansell · 1993: Alain Prost · 1994: Michael Schumacher · 1995: Michael Schumacher · 1996: Damon Hill · 1997: Jacques Villeneuve · 1998: Mika Häkkinen · 1999: Mika Häkkinen · 2000: Michael Schumacher · 2001: Michael Schumacher · 2002: Michael Schumacher · 2003: Michael Schumacher · 2004: Michael Schumacher · 2005: Fernando Alonso · 2006: Fernando Alonso · 2007: Kimi Räikkönen

